Vreemde vogel

Wanneer ik met Lazar over de velden loop hoor ik van achter me een vreemde vogelroep. Ik ben geen vogelexpert en ken niet zo heel erg veel vogels van naam. Ik ken een kraai die heet Henk en een Vlaamse gaai met de naam Beatrix, “Bea” voor voor vrienden. De meeste vogelgeluiden herken ik wel, maar deze kon ik echt niet plaatsen.Terwijl ik me omdraai passeert Lazar me, hij kijkt bang en vertwijfeld achterom. Dan zie ik het, hij wordt achtervolgt door een reekalf. Met kromme poten die volledig willekeurig onder het lichaam lijken te zijn geplaatst, probeert hij al roepend bij Lazar te komen.

Lazzie is echt een jachthond van niets. Met zijn grote zus Mahru gedraagt hij zich als een ware Chuck Norris, alleen is hij meer een zachtgekookt ei. Een blij ei weliswaar, maar nou niet het toonbeeld van mannelijke stoerheid. Om een voorbeeld te noemen; thuis wikkelt hij zijn vijftien hele kilo’s in een tweepersoonsdeken zodat alleen z’n snuitje er uitsteekt.

Het reekalfje roept natuurlijk om z’n moeder. Maar ja, dat zijn we beiden niet en een kalfje moet je met rust laten. Ondertussen lopen we bijna het veld af en naderen we een gedeelte waar veel meer honden en mensen komen. En dus zit er maar één ding op: rennen! Twee mannen die wegrennen voor een reekalfje, dat moet een opvallend gezicht zijn geweest. Ondertussen blijft het beestje ons maar roepen, en dus breekt m’n hart een beetje.

Oog in oog met Lazar’s achtervolger

Ik zet Lazar af bij huis en loop weer terug om te kijken of het kalfje weer terug in het veld is. Hij was toch wel akelig dicht bij de rand tussen bos en veld gekomen. Een plek die lang niet zo veilig is dan het veld die veel mensen mijden dankzij alles wat steekt en bijt. Gelukkig, meneer was zelfs een stukje teruggelopen en zat veilig op z’n plek. Verderop in het veld zie ik een andere ree grazen, waarschijnlijk z’n moeder. Ze kijkt op, ziet mij en graast rustig verder. Ze zal wel denken, van iemand die voor een kalfje wegrent hebben we niets te vrezen.